taalwijs.nu

taalwijs.nu

Luca Konrad: “Wat ik ook mooi vind, is dat ik mezelf in een andere dimensie kan uitdrukken. Dat ik voor mijn gevoel een breder repertoire heb in de betekenisgeving van de wereld.”

Luca (zeg ‘Loetsa’) Konrad (1993) is tweetalig Hongaars-Nederlands opgegroeid. Op school leerde ze Engels, Frans en Duits en ze koos na de middelbare school voor de hbo-opleiding tot tolk Nederlandse Gebarentaal (NGT) in Utrecht (met een minor aan de UvA). Sinds ruim vijf jaar werkt ze nu in dit vak waar ze met name in het hoger onderwijs tijdens colleges op universiteiten of hogescholen tolkt. Bovendien vindt ze het leuk om bij zakelijke meetings in meer high-profile contexten te tolken. Lees hier haar meertalige taalverhaal.

Welke talen spreek je?

Ik ben met twee moedertalen opgegroeid, eerst Hongaars en toen pas Nederlands, maar ik beschouw ze allebei als mijn moedertalen. Mijn Engels is goed, evenals mijn kennis van NGT. Voor de studie moet je met B2 afstuderen en dat zat er ruim in. De kennis van het Frans en Duits is inmiddels verwaarloosbaar, maar ik kan er wel mee uit de voeten en als ik in Duitsland ben, probeer ik het ook gewoon in het Duits.

Hoe ben je meertalig geworden?

Ik ben met Hongaarse ouders opgegroeid. Ik ben hier geboren, maar mijn eerste jaren waren in de thuistaal Hongaars en pas op de peuterspeelzaal kwam ik in contact met het Nederlands. Op de basisschool heb ik goed Nederlands geleerd en inmiddels is mijn Nederlands wel beter dan mijn Hongaars. Sinds ik niet meer thuis woon, gebruik ik het Hongaars niet meer dagelijks en dat merk ik wel een beetje.

Het Engels is voor mij vrij vanzelf gegaan. Dat heb ik, zoals veel Nederlanders, vooral door de media geleerd. Ik had altijd veel interesse in talen en ging al snel dingen zelf in het Engels opzoeken en boeken lezen. 

NGT heb ik op het HBO geleerd. Na de middelbare school wilde ik in eerste instantie naar het conservatorium, maar ik ben dat toch niet gaan doen. Toen was het duidelijk dat ik iets met talen wilde – tolken, vertalen, want dat deed ik toch van nature al tijdens vakanties in Hongarije. In de tijd dat de smartphones wat minder gangbaar waren en ook de jongere generatie van Hongaren nog niet goed Engels spraken, pikte ik de Nederlandse toeristen eruit die met een kaart stonden te stuntelen – en dan stond ik al gauw te tolken. Dat vond ik leuk, mede omdat het vanzelf leek te gaan. 

Voor mijn studie en werk wilde ik wel aan de slag met een nieuwe taal (in plaats van het Hongaars) en ben ik gewoon op het internet gaan zoeken wat er allemaal bestond. Ik zag Russisch, Japans, en dus ook Nederlandse Gebarentaal. Ik had jaren eerder een serie gezien waarin de wereldberoemde Marlee Matlin – die in Amerikaanse Gebarentaal (ASL) communiceert – een rol vertolkte. Toen ik bij het zoeken naar een studie de opleiding tot tolk NGT tegenkwam, triggerde dat mijn interesse, mede door de impact van die serie.

‘Laat ik eens gaan kijken op de open dag’, zei ik tegen mezelf en vanaf toen is het balletje gaan rollen. Op die open dag wist ik na vijf minuten dat ik dit wilde gaan studeren – alleen al vanwege de heel open sfeer. Ik weet ook nog goed dat het me raakte dat ik met mijn toenmalige talenkennis geen contact kon maken – ik ben een vrij extravert type, dus dat was een heel nieuwe ervaring voor mij. NGT is een visueel-manuele taal en ik had tot dan toe alleen ervaring met talen die oraal-auditief zijn. Voor NGT had ik echt een tolk nodig om te communiceren en dat wekte mijn interesse. Ik heb heel veel geluk gehad met mijn studiekeuze, want het was in een keer raak.

Welke rol spelen die verschillende talen in je dagelijks leven?
Nederlands is mijn functionele communicatietaal voor alles. NGT is voor mij aan de ene kant een werktaal, maar het is inmiddels ook een privétaal. Met mijn werk onderhoud ik de taal, maar in gesprekken met vrienden kan ik de taal echt leren kennen – ook in de dimensies van spontaan gebruik die ik op het werk minder tegenkom.

Hongaars is inmiddels minder dagelijks dan dat het was. Het is de taal die ik spreek met mijn familie en met vrienden in Hongarije. Ik gebruik het nu vaker op schrift dan gesproken (via chat en lezen van boeken) en ik kijk bewust films en series. Hongaars is nog steeds mijn primaire emotionele taal. Nederlands blijft toch meer functioneel qua gevoel. In het Hongaars ken ik alleen niet alle domeinen. Ik heb het bijvoorbeeld nooit in de formele sfeer geleerd. Daarom probeer ik om – via veel input – ervoor te zorgen dat het niet alleen een informele conversatietaal blijft.

Engels gebruik ik steeds vaker in mijn werk – dan vertaal ik van het gesproken Engels naar NGT en vice versa. Er is geen officiële opleiding daarvoor en ik ben er niet formeel in getraind, maar er is veel vraag naar – die wordt eigenlijk steeds groter – en daarom bied ik het ook aan. De internationale expert Maya de Wit (www.mayadewit.nl) biedt cursussen ‘tolken van en naar het Engels vanuit nationale gebarentalen’ aan, bij haar heb ik een goede training hierin kunnen volgen. Verder moet je vooral veel met ervaren collega’s meegaan en het zo leren. Ik vind het persoonlijk lastiger om in deze taalcombinatie te werken, omdat ik dan eigenlijk met twee vreemde talen werk. Als er ten minste een moedertaal bij is, gaat het toch makkelijker: zo heb ik ooit wel eens Hongaars-NGT getolkt. Ondanks dat ik dat maar een enkele keer heb gedaan, voelde dat natuurlijker.

Ik werk veel in het onderwijs en in het bedrijfsleven. Er zijn heel veel expats in Nederland, waardoor veel naar het Engels geschakeld wordt, en bij opleidingen zijn veel colleges in het Engels, dus ergens moet ik wel. Aan de andere kant vind ik het zelf ook heel leuk om met meerdere talen bezig te zijn en het is de investering zeker waard om mij hierin te bekwamen.

Pro bono heb ik ook wel eens bij een ouderavond voor een familielid zitten fluistertolken van en naar de gesproken talen Nederlands-Hongaars – dat was leuk, maar dat is niet iets waarvoor ik opgeleid ben.

Wat vind je het uitdagende aan het leren van NGT?

Het feit dat de taal op een andere manier in elkaar zit dan de gesproken talen die ik al kende en dat je letterlijk op een andere manier de taal moet benaderen vind ik er uitdagend aan. Natuurlijk heb je een gebarenschat die je leert, maar taal is zo veel meer dan een set van gebaren die elk een ander zelfstandig naamwoord of werkwoord betekenen. Je hebt heel andere grammaticale aspecten waar je bijvoorbeeld nadruk mee kunt leggen. Voor de rest had ik niet het idee dat het heel anders is om te leren dan een andere vreemde taal. Het begin is altijd zwaar, maar tegen de tijd dat je een basis hebt en als er steeds meer ‘aha’-momenten zijn en de kwartjes vallen, dan gaat het lopen. Het is net als bij gesproken talen, dat je aan het begin de taal alleen heel netjes kent zoals uit de boeken. Pas naarmate je met mensen in gesprek gaat, zie en leer je de nuances. Je kunt van moedertaalsprekers juist het meest leren van hoe je het gebruikt in de gemeenschap en de dagelijkse communicatie.

Welke taal of talen zou je nog graag willen leren?

Ik heb al heel lang de wens om Japans te leren. Ik had destijds ook voor een studie Japans willen kiezen, maar het werd toch NGT. Japans is ook zoiets anders dan wat ik al ken en daarom wil ik er meer van weten, juist omdat het meer inspanning vergt. Ik ben met een boekje ook al zelf begonnen om de tekens te leren, maar ik zal toch echt naar een cursus moeten om het goed te leren.

Ik was tijdens de eerste coronagolf ook met Spaans begonnen, maar dat zwakte af naarmate er weer meer te doen was. Ik ben ook wel iemand die haar talen goed wil kennen en onderhouden. Voordat ik aan een nieuwe taal begin, wil ik de talen die ik al ken verstevigen. Dus ik ben er ook mee bezig om mezelf te versterken in de vier talen die ik al goed beheers.

Wat zie je als grootste meerwaarde van je meertaligheid en zijn er ook nadelen? 

Het is voor mij de mogelijkheid om mensen te leren kennen die ik anders nooit had gekend, omdat ik hun taal niet beheers. Als mijn ouders mij niet in het Hongaars hadden opgevoed, had ik niet met mijn familie en anderen in Hongarije kunnen communiceren. Via het Engels kan ik ook met mensen in Nederland spreken, die geen Nederlands kennen.

Wat ik ook mooi vind, is dat ik mezelf in een andere dimensie kan uitdrukken, dat ik voor mijn gevoel een breder repertoire heb in de betekenisgeving van de wereld. Het is dan niet erg dat mijn gesprekspartner het niet verstaat – als ik voor mezelf weet dat ik iets in het Hongaars het beste kan uitdrukken, dan vind ik het mooi dat ik meerdere opties heb om uit te kiezen. Soms deel ik ook mijn gedachte in die taal en geef ik er zo nodig een uitleg bij – vaak nodigt dat uit tot een gesprek over taal, dat juist dichtbij mij staat. Zoals ik al zei, het Nederlands kan voor mij soms heel functioneel zijn en dan kan ik dus switchen om in het Hongaars het juiste woord te kiezen. Dat vind ik echt wel een meerwaarde.

Soms frustreert het me dat ik niet in alle talen alle concepten kan uitleggen. Het is voor mij bijvoorbeeld heel lastig om in het Hongaars over mijn werk te praten, want die hele terminologie ken ik alleen in het Nederlands of NGT. Dat vind ik jammer.

Persoonlijk ben ik ook niet zo blij met de verengelsing van de Nederlandse maatschappij. Zelf probeer ik om de talen juist apart te houden, maar als meertalige meng je talen toch vanzelf. In zekere zin moet je als tolk soms ook wel mixen, omdat de vertaling de lading anders niet dekt. Bijvoorbeeld als mensen in het Nederlands veel Engelse woorden gebruiken (bijvoorbeeld ‘meeting’ in plaats van ‘vergadering’) dan vertaal ik dat – mits ik weet dat die vertaling zal overkomen – als ‘meeting’, door ASL (American Sign Language) te gebruiken. Soms wordt er ook in het NGT gemixt en dan vertaal ik dat ook zo naar gesproken taal: dan gebaart iemand plotseling ‘why not’ en dat vertaal ik ook naar het Engels, in plaats van er ‘waarom niet’ van te maken. Ik denk dat mijn meertaligheid hierin ook een meerwaarde is, dat het me helpt om die mix goed te volgen.

Wat is volgens jou de beste manier om een vreemde taal te leren?

Je leert wel veel van een cursus met een docent, maar ook dan gaat het alleen maar in combinatie met iemand met wie je samen kunt oefenen. Je moet echt onder de mensen zijn en het ook elke dag doen. Vanuit de opleiding werd dat door docenten heel erg gestimuleerd. Zij moedigden ons elke keer weer aan om naar een gebarencafé te gaan bijvoorbeeld. Ga mensen leren kennen en met ze kletsen, zeiden ze. Alleen door dat contact te maken kun je de taalproductie op gang krijgen.

Wat zou je willen meegeven waarom het juist leuk en mooi is om meerdere talen te leren en te kennen?

Voor mij is het zo leuk, omdat het een kant van mezelf naar voren kan brengen die ik niet altijd heb gekend. Het stuntelen met een nieuwe taal leert je iets anders over jezelf, zowel mentaal als motorisch. Je moet bij een gesproken taal leren om je mond anders te vormen en bij gebarentalen zet je nog veel meer van je lichaam in. Het verbreedt je horizon. Je leert veel over hoe je betekenis kunt geven aan gedachtes en emoties en hoe je de keuze maakt om die te uiten.

Taal staat nooit los van cultuur. Je hebt een heel andere wereld die voor je open gaat. Taal opent daarnaast ook veel meer dan alleen een andere taal voor je, je gaat er zelf veel meer open door staan. Daardoor wordt je creativiteit aangesproken. 

Wie is je voorbeeld op het gebied van meertaligheid?

Mijn ouders zijn wel echt voorbeelden. Zij zijn hier destijds gekomen zonder enige kennis van het Nederlands en hebben zich enorm ervoor ingezet om het Nederlands ook te leren. Tegelijkertijd wisten ze dat ze hun eigen taal absoluut aan mij wilden meegeven. Daar hebben ze ook goed voor gezorgd en een situatie gecreëerd waardoor ik met twee talen kon opgroeien. Als ik zelf kinderen zou hebben zou ik ze zeker het Hongaars aanbieden. Ondanks het feit dat je ze dan ook een stukje identiteitscrisis meegeeft, daar heb ik zelf mee geworsteld. Het levert echter zoveel moois op om een andere taal te kennen: de verschillende perspectieven die je ermee wint, dat is het waard. En soms is dat moeilijk om aan eentaligen uit te leggen.

Ik ben ook wel erg onder de indruk van (dove) collega’s en gebarentaligen die meerdere (gebaren)talen kennen en daarmee op dagelijkse basis werken. Ik vind het bijzonder dat ik in mijn werk met hen mag samenwerken en mag genieten van het ruime taalbad waaraan ik word blootgesteld.


terug

Een reactie to “Luca Konrad: “Wat ik ook mooi vind, is dat ik mezelf in een andere dimensie kan uitdrukken. Dat ik voor mijn gevoel een breder repertoire heb in de betekenisgeving van de wereld.””

  1. Eva

    ❤️ Mooi en waardevolle interview.
    Zo waar, meer talen kennen “ Het verbreedt je horizon.”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.