Het niveau van Sigrid Kaag, vijf talen op C1, dat is mijn streven.
In onze interviewreeks met inspirerende meertaligen hebben we tot nu toe vaak experts gesproken, bijvoorbeeld schrijvers, mensen die in het onderwijs werken of van taal hun beroep hebben gemaakt. Vandaag presenteren we Henri, chauffeur voor FlixBus. Via Audrey Rousse-Malpat, die eerder haar helaas niet erg positieve ervaring met meertalige communicatie op de bus met ons deelde, zijn we in aanraking gekomen met Henri. Henri begroet waar mogelijk iedereen in zijn of haar eigen taal. In dit interview lees je over meertaligheid in het dagelijks leven van en Europese veelreiziger van beroepswege.
Kun je je voorstellen? Wie ben je, waar werk je?
Mijn naam is Henri en ik ben buschauffeur bij FlixBus. Ik rijd meestal tussen Arnhem en Parijs.
Welke talen spreek je en op welk niveau?
Naast Nederlands spreek ik Duits het beste, op B2 of misschien zelfs C1-niveau. Engels volgt op B1-B2. Mijn Frans en Spaans zijn allebei rond A1. Ik zou ze wel beter willen spreken. Het niveau van Sigrid Kaag, vijf talen op C1, dat is mijn streven.
Hoe komt het dat je zo meertalig bent geworden?
Ik ben vooral meertalig geworden uit interesse. Taalleren is leuk en talenkennis hebben is nog leuker. Ik ben voor het eerst in aanraking gekomen met Engels en Duits op de middelbare school, maar ik heb later een taalschool in Duitsland gedaan. Ik heb ook andere taalscholen voor Duits en Engels bezocht. In London bijvoorbeeld, ben ik geweest om mijn Engels te verbeteren. Op Costa Rica heb ik Spaanse les gevolgd.
Welke talen zou je nog graag willen leren?
Nog een taal erbij is denk ik niet haalbaar, maar ik wil graag mijn Spaans en Frans verbeteren. Mijn droom zou zijn om nog een keer een Franse taalschool te doen. Maar ik wil eerst mijn Spaans op B1 niveau hebben en dat is een hele klus!
Met hoeveel talen kom je dagelijks in aanraking?
Vaak wel zo’n vijf of zes. Vandaag waren het Engels, Spaans, Frans, Turks en Pools. Maar de reizigers die ik spreek komen overal vandaan.
Welke voordelen van je meertaligheid ervaar je?
Je kan mensen met elkaar koppelen! Zo vertaalde ik voor een Engelsman en een Duitser, tegelijk in het Frans. Dat is heel leuk om zo met z’n vieren aan tafel te zitten. Met verschillende talen kom je dichter bij mensen. Dit doet me vooral denken aan mijn ervaring op Costa Rica, waar ik probeerde om veel Spaans te gebruiken. Mensen staan dan open voor je. Je hebt gelijk meer verbinding en die verbinding maakt het contact heel fijn.
Wat doet meertaligheid met jou?
De talen, die ik ken, heb ik vooral uit eigen interesse geleerd. Natuurlijk gebruik ik Engels en Duits ook veel op m’n werk, maar het ligt vooral aan mijn eigen interesse. Dat geldt misschien meer voor Spaans en Frans. Dat heb ik voor mijn eigen plezier geleerd, en misschien haal ik er daarom ook wel een stukje identiteit uit. Zoals ik al zei, met talen verbind je mensen en het verbindt je met mensen.
Vaak interviewen we experts, die van taal hun werk gemaakt hebben. Jij bent buschauffeur. Welke meerwaarde heeft meertaligheid voor jouw werk en je dagelijkse leven?
Voor het werk zelf heeft het niet altijd direct meerwaarde, want als je Engels spreekt, zou dat meestal voldoende zijn. Meerdere talen gebruiken is wel vriendelijker naar je reizigers, al is het geen noodzaak. Voor mij is meertaligheid mijn hobby. Ik merk dat ik door mijn meertaligheid meer raakvlakken heb met m’n reizigers. Daar wordt de reis wel gezelliger en plezieriger van.
Reageren mensen anders wanneer je hen in hun eigen taal aanspreekt?
Ja, echt wel! Vooral als ik in een Spaansprekende plek ben – wat ik net al noemde over Costa Rica. Je komt zoveel dichter bij de inwoners.
Op m’n werk, merk ik er nog te weinig van. Waarschijnlijk komt dat doordat ik nog niet zo goed Frans en Spaans spreek. Langzaam stap voor stap. M’n werk maakt mij wel erg gemotiveerd om mijn Spaans en Frans te verbeteren.
Zijn er momenten geweest waarop taal echt het verschil maakte?
Het is vooral belangrijk wanneer het om iets heel technisch gaat. Dat zou ik zeker merken. Helaas zijn mijn Spaans en Frans daar nog niet goed genoeg voor.
Wat is volgens jou de beste manier om een vreemde taal te leren?
Dat vind ik een lastige vraag, vooral omdat ik zelf nog niet de ideale manier heb gevonden. Ik wil het altijd te preciesdoen. Het duurt bij mij altijd vrij lang voor ik een taal echt goed beheers. Soms kom je wel van die ‘leer in 14-dagen Spaans’-cursussen tegen. Maar hoe mensen dat doen is mij een raadsel. Dan denk ik bij mezelf ‘dat kan toch nooit’! Een taal leren komt je niet aanwaaien, daar heb je tijd en inspanning voor nodig. Grammatica valt bijvoorbeeld niet in 14 dagen aan te leren. Wat wel heel erg helpt, is in het land verblijven waar ze de taal spreken. Van een taalvakantie leer je goed spreken. Verder zou ik zeggen: veel herhalen. Dat geldt vooral voor de woordjes.
Wat raad je mensen die een vreemde taal willen leren aan?
Mijn voornaamste advies: geduld en doorzettingsvermogen. Ook moet je soms voorbereid zijn op een teleurstelling. Soms vergeet je de woordjes, die je al hebt geleerd, gewoon. Dan moet je ze weer opnieuw gaan leren. Dat vind ik soms wel lastig omdat je weet dat het woord in je vocabulaire zat en je het nu gewoon kwijt bent. De meeste mensen vallen af omdat je sommige dingen opnieuw moet aanpakken, denk ik. Maar dan moet je juist doorzetten. Voor mij is een goede motivatie om films te kijken in de taal die ik aan het leren ben.
Wat hoop je dat lezers meenemen uit jouw verhaal?
O, met die vraag overval je me wel! Ik kan niet iemand dwingen om enthousiast te worden over het leren van een taal. Dat moet echt vanuit iemand zelf komen. Duits en Frans vind ik heel leuk. Ze zijn een toevoeging aan mijn leven. Een taal leren is ook een soort hersengymnastiek, wat ook weer goed is voor de mentale gezondheid. Neem bijvoorbeeld burgemeester in het Nederlands en Bürgermeister in het Duits. De woorden zijn bijna identiek. Het is gratis hersengymnastiek om ze uit elkaar te houden. Verder heb ik gewoon liefde voor taal. Als een ander dat niet heeft, kun je ze ook niet dwingen. Daar komt bij dat een taal leren vaak een strijd is tegen dat vergeten van de woordjes en grammatica. Taal is daarom en vak apart. Mensen die tweetalig zijn opgevoed hebben een zegen ontvangen. Ik zou willen dat ik dat was!
terug