taalwijs.nu

taalwijs.nu

Evidence-informed onderwijs maakt mij een veel completere docent!

Christian Dekens

door Christian Dekens, docent Duits en studievaardigheden, Dr. Nassau College Quintus

Zo’n 10 jaar geleden kwam ik bij toeval in aanraking met twee YouTube video’s genaamd The Classroom Experiment van Dylan William. In deze filmpjes neemt hij je mee in de wereld van formative assessment. In grote lijnen komt het erop neer dat hij met formatieve handelingen, zoals het tegenwoordig heet, laat zien hoe je leerlingen beter bij de les betrekt. Daarnaast krijg je als docent inzicht in waar de leerling staat in het proces richting zijn of haar leerdoel en kun je daar gericht feedback op geven. Met de strategieën die William aanbiedt, heb ik vervolgens geëxperimenteerd.

Graag wil ik er twee werkvormen uithalen die een absolute meerwaarde zijn voor je lespraktijk. Ten eerste is dat het gebruik van whiteboardjes. Op de vraag van een docent, moeten leerlingen allemaal zelf het antwoord op een persoonlijk whiteboardje schrijven. Op een teken van de docent houden ze het bordje omhoog. Hierdoor moet elke leerling meedoen. Je ziet als docent in één oogopslag wat de leerlingen geantwoord hebben en wie en hoeveel leerlingen extra ondersteuning nodig hebben. Een leerling kan zich niet verschuilen. Ten tweede mogen leerlingen geen vinger meer opsteken als ik een vraag stel. Via een app op mijn iPad wordt random een leerling gekozen die vervolgens antwoord moet geven op de gestelde vraag. Ook als ze al aan de beurt geweest zijn, kunnen ze gekozen worden. Dit zorgt ervoor dat leerlingen altijd alert moeten blijven.

Door deze ervaring met William gingen mijn ogen open over mijn dagelijkse lespraktijk en wat evidence-informed onderwijs voor mij en leerlingen kan betekenen. De jaren erna ben ik mij in steeds meer zaken rond het lesgeven gaan verdiepen. Ik vond het opvallend om te constateren dat veel theorieën elkaar overlappen of aanvullen. Zo kwam ik onder andere uit bij de cognitive load theory van John Sweller en de instructieprincipes van Barak Rosenshine. De theorie van Sweller is gebaseerd op de belasting van het kortetermijngeheugen en hoe je die kunt verminderen. Ik probeer in mijn lessen te werken met succesfactoren, bijvoorbeeld met een stappenplan en het opbouwen van de lesstof in kleine stukjes (scaffolding). Ook probeer ik de stof te koppelen aan voorkennis. Het is overigens makkelijker gezegd dan gedaan, omdat ik ook te maken heb met een vakleerplan, maar hier kom ik later op terug. 

Een absolute must voor elke (beginnende) docent om te bestuderen zijn de instructieprincipes van Rosenshine. Deze kun je zien als een checklist in je lesvoorbereiding. Ik ben er echt van overtuigd dat het niveau van je lessen hierdoor stijgt. Daarnaast is het een geweldige manier om als docententeam met elkaar te sparren. 

Om de principes van Rosenshine echt goed tot uiting te laten komen, kun je gebruik maken van de leerstrategieën voor effectief leren van The Learning Scientists. Zowel Rosenshine als The Learning Scientists maken gebruik van retrieval practice: het actief terughalen van informatie uit je langetermijngeheugen. Een tweede strategie die beiden gebruiken zijn concrete voorbeelden om (abstracte) ideeën te begrijpen. Naast deze twee leerstrategieën hebben The Learning Scientists nog vier strategieën ontwikkeld. Namelijk spaced practice, elaboration, interleaving en dual coding. Om een compleet beeld te schetsen van de strategieën wil ik deze toch even toelichten, want in mijn optiek zijn ze een grote meerwaarde voor je lespraktijk. Bij spaced practice spreid je de stof in de tijd. Elaboration gebruik je om jezelf vragen te stellen over de stof. Interleaving kun je toepassen om onderwerpen af te wisselen tijdens het leren en bij dual coding combineer je woord en beeld.

Nu kun je misschien de conclusie trekken dat als je bovenstaande in je lespraktijk toepast, je de heilige graal gevonden hebt. Helaas is dit (nog) niet de praktijk. Wat ik ontzettend positief vind, is dat ik een veel completere docent ben geworden. Werken met wetenschappelijk bewezen interventies geeft mij een ontzettende drive. Daarnaast is het erg leuk om te zien dat een aantal leerlingen de wetenschappelijk onderbouwde aanpak zijn gaan gebruiken. Maar helaas is deze groep nog relatief klein. De interventies worden over het algemeen alleen in mijn lessen toegepast en de werkwijze beklijft dus niet. Bovendien zorgen de meeste handelingen ervoor dat leerlingen in eerste instantie meer tijd kwijt zijn. En als je als leerling iets niet wil, is meer tijd aan school besteden. Ik probeer de leerlingen echter duidelijk te maken dat je uiteindelijk tijdwinst pakt en dat de stof beter in het langetermijngeheugen blijft zitten. 

Maar hoe krijg je dat nou voor elkaar? Wij concluderen binnen onze afdeling dat de motivatie steeds vaker ver te zoeken is. Dit heeft volgens mij met name te maken met schermtijd en bijbaantjes. Maar wij moeten binnen de vakgroep ook de hand in eigen boezem steken. In mijn optiek zijn wij te veel tijd met grammatica kwijt en zijn de vaardigheden ondergeschikt. Maar wat heb je eraan als je alle voorzetsels kunt opdreunen, maar nog geen zin kunt uitspreken? Door mijn enthousiasme voor de wetenschap kwam ik ook in aanraking met Gianfranco Conti en zijn EPI-methode (Extensive Processing Instruction). In het kort komt het erop neer, dat je een vreemde taal leert in chunks in plaats van losse woordjes en geïsoleerde grammaticaregels. Inmiddels heb ik een klassenset gekocht van zijn methode German Sentence Builders (vertaald voor de Nederlandse markt door Martin Ringenaldus). Op de momenten dat het kan, experimenteer ik met de methode binnen ons vakleerplan. De resultaten zijn veelbelovend. Binnen onze vakgroep zijn we er inmiddels over uit dat wij meer tijd moeten gaan besteden aan de vaardigheden. De methode van Conti kan ons daar zeker bij helpen. Op dit moment staat het nog in de kinderschoenen, maar mijn doel is het om samen met de sectie hier komend schooljaar handen en voeten aan te geven. Wordt vervolgd!


terug

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.