Logo Universiteit Utrecht

taalwijs.nu

taalwijs.nu

Taal is fascinerend maar weten onze leerlingen dat ook?

Door Marjon Tammenga-Helmantel:

 

Als docent Nederlands of docent in een van de moderne vreemde talen hoef ik u vast niet te overtuigen van de schoonheid en kracht van taal. Taal verandert – en niet omdat er een nieuwe spellingsregel geïntroduceerd; zulke veranderingen zijn goed te verklaren en soms zelfs te voorspellen. Taal vertoont regelmatigheden en uitzonderingen en als je iets verder kijkt dan je neus lang is en bijvoorbeeld eens bij een buurtaal buurt, kun je ontdekken welke systemen in taal en tussen talen ‘verstopt’ zitten. Taal gebruiken we allemaal om een boodschap over te brengen, maar de keuzes die je maakt qua bijvoorbeeld woorden, zinsconstructies en intonatie bepalen mede of je mededeling indruk maakt of dat je de plank misslaat. Taal leren we allemaal en het leren van taal lijkt –zeker bij de moedertaal – bijna vanzelf te gaan terwijl het leren van een vreemde taal veelal een moeizaam en langdurig proces is van vallen en opstaan. Verdiep je je in het taalleerproces, zoals de verwervingsvolgorde, voorwaarden voor succesvol taal leren en verschillen en overeenkomsten tussen de talen die je kent en de taal die je wilt leren, dan kun je dit alles inzetten om je eigen taalleerproces te begrijpen en te ondersteunen.

Als ik wat lestijd over had, ventileerde ik mijn hobby, vol prikkelende vakinhoud. Zo liet ik als docent Duits in het vo havo3-leerlingen zien hoe je aan sommige Duitse voorzetsels nog heel mooi kunt zien hoe ze ontstaan zijn (nebst als overtreffende trap van neben) en dat dat bij de Nederlandse tegenhanger precies zo gegaan is. En dat je ook best kunt verklaren waarom de genitief opduikt bij voorzetsels als het Duitse wegen en het Nederlandse wegens en namens als je onthult dat het zelfstandig naamwoord daarvoor verantwoordelijk is, net als in de bij leerlingen bekende uitdrukkingen als Koninkrijk der Nederlanden en de heer des huizes. De leerlingen zelf op ontdekkingsreis sturen kan ook; havo4 kreeg de opdracht de saaie lijsten van onregelmatige werkwoorden achter in het boek te analyseren en op basis van de ontdekte patronen een nieuwe categorisering aan te brengen. Ze zagen verder dat niet alle werkwoorden 100% sterk zijn maar nog op weg zijn om zwak te worden en dat dit ook geldt in het Nederlands. Met een beetje uitleg snappen ze ook waarom sommige werkwoorden ‘zwakte’ gaan vertonen. Oogjes gaan glimmen als ze verwante talen gaan vergelijken en zien dat dit taalveranderingsproces voor een bepaald werkwoord al verder is in de ene taal dan in de andere. Wat zegt het dan over de taalgebruiker als bakken in het Nederlands al zwak is terwijl het Duitse backen ‒ tenminste volgens de officiële regeltjes – nog sterk is?

“De ontwikkelteams die in het kader van Curriculum.nu aan voorstellen voor een nieuw curriculum werken hebben een eerste stap gezet in de gewenste richting; hun bouwstenen laten zien dat leerlingen niet alleen taalvaardig maar vooral ook (inter)cultureel- en taalbewust moeten worden.”

In onze huidige onderwijs zijn we bij Nederlands en de moderne vreemde talen er echter vooral op gericht de leerlingen taalvaardig te maken, waarbij – zeker bij de vreemde talen – de positie van literatuur als marginaal kan worden beschouwd. De eindtermen zijn duidelijk: van docenten wordt vooral verwacht dat ze hun leerlingen zowel receptief als productief taalvaardig maken. Leerlingen, docenten, vakverenigingen en meesterschapsteams hebben meermaals aangegeven dat zij de talenvakken uitdagender en interessanter willen zien door vakinhoud aan het schoolvak toe te voegen. Leerlingen worden door een veel bredere blik op het fenomeen taal beter voorbereid op de talige werkelijkheid buiten het klaslokaal en zullen naar verwachting warm lopen voor taal en talen leren. De ontwikkelteams die in het kader van Curriculum.nu aan voorstellen voor een nieuw curriculum werken, hebben een eerste stap gezet in de gewenste richting; hun bouwstenen laten zien dat leerlingen niet alleen taalvaardig maar vooral ook (inter)cultureel- en taalbewust moeten worden.  Hobby’s en interesses van de individuele docent zijn dan geen tussendoortje meer, maar staan als een volwaardig gerecht op het talenmenu. Heldere eindtermen maar vooral ook concrete handvatten voor de docenten zijn daarbij onontbeerlijk!

Deze blog maakt deel uit van ‘Geef handen en voeten aan Curriculum.nu’, een reeks die tot doel had eerste ideeën rond de verdere uitwerking van Curriculum.nu te verzamelen van de aanloop naar de presentatie van de eindproducten tot aan de landelijke studiedag van Levende Talen. Klik hier voor een overzicht van alle blogs.

*Het tegeltje in deze blog is gebaseerd op werk van ‘Nederlandse Leeuw’ in Wikipedia. Licentiedetails vind je hier.


terug

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.